Dit hoofdstuk gaat in op de implementatie van de deltabeslissing Zoetwater (paragraaf 4.1) en de voortgang van de maatregelen uit het Deltaplan Zoetwater (paragraaf 4.2).

4.1Deltabeslissing Zoetwater

De deltabeslissing Zoetwater en het bijbehorend Deltaplan Zoetwater dragen eraan bij dat Nederland ook in de toekomst in drogere perioden over voldoende zoetwater beschikt, voor een aantrekkelijke leefomgeving en een sterke economische positie. Verspreid over Nederland zijn maatregelen voor zuinig gebruik, vasthouden, bergen en aanvoeren van zoetwater in uitvoering. Voor de periode 2022 tot en met 2027 is een nieuw maatregelprogramma in voorbereiding. De zoetwaterregio's en het Rijk maken de verantwoordelijkheden helder door invulling te geven aan het proces Waterbeschikbaarheid*. Met de grote watergebruikers vindt overleg plaats over zuiniger omgaan met water. De waterbeheerders werken samen aan Slim Watermanagement, onder meer om het water tijdens watertekort efficiënter te verdelen. De jaarlijkse voortgangsrapportage biedt een uitgebreid overzicht van de voortgang.

De uitvoering van de deltabeslissing Zoetwater komt tot stand via drie sporen: Deltaplan Zoetwater, het proces Waterbeschikbaarheid en het Kennisspoor. Hieronder volgt een toelichting op een aantal belangrijke elementen.

Ontwikkelingen Deltaplan Zoetwater

De uitvoering van de maatregelen uit het Deltaplan Zoetwater verloopt grotendeels volgens schema (zie paragraaf 4.2). Alle zoetwaterregio's en het Rijk (Rijkswaterstaat en het ministerie van IenW) werken aan de afgesproken maatregelen. Ook de drinkwatersector doet investeringen ten behoeve van de toekomstige drinkwatervoorziening. Twee belangrijke maatregelen voor een klimaatbestendige zoetwatervoorziening liggen goed op schema: het flexibel peilbeheer in het IJsselmeergebied en de Capaciteitstoename Klimaatbestendige Wateraanvoer Midden Nederland (KWA). Steeds meer maatregelen komen in de fase van planuitwerking en realisatie, zoals de vervanging van het gemaal dat water uit het Pannerdensch Kanaal naar de Linge pompt (planuitwerking) en de aanleg van 1.475 hectare bergingsgebied in het beekdal Koningsdiep in Fryslân (realisatie). Enkele maatregelen zijn vertraagd, waaronder de optimalisatie van de zoetwatervoorziening via het Brielse Meer en enkele integrale maatregelen op de Hoge Zandgronden, vaak omdat meer tijd nodig is voor onderzoek of afstemming. Meer informatie over de voortgang van de maatregelen per regio, in het regionale systeem en het hoofdwatersysteem, staat in hoofdstuk 7.

In 2018 komt een voorstel voor mogelijke maatregelen in de tweede fase van het Deltaplan Zoetwater beschikbaar (2022 tot en met 2027), op basis van de landelijke knelpuntenanalyse voor de zoetwatervoorziening op langere termijn. Ook wordt dan een inschatting gemaakt van de noodzaak om de voorkeursstrategie Zoetwater en de bijbehorende adaptatiepaden aan te passen.

In 2017 is de verbinding van het Deltaplan Zoetwater met het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie en het omgevingsbeleid versterkt. De stappen die overheden voor ruimtelijke adaptatie doorlopen (weten, willen, werken) zijn vergelijkbaar met het proces in de zoetwaterregio's. Zo is de stresstest voor gemeenten (weten) vergelijkbaar met de knelpuntenanalyse voor zoetwater en komt de risicodialoog over ruimtelijke adaptatie overeen met het proces Waterbeschikbaarheid. De koppeling tussen beide deltaplannen biedt de kans om gemeenten beter te betrekken bij de zoetwateropgave. Ook voor het onderwerp bodemdaling zoeken de programma's verbinding met elkaar. Het Deltaprogramma Zoetwater stimuleert provincies en gemeenten om in hun Omgevingsvisies zichtbaar te maken hoe ze de beschikbaarheid van water en het beheer van het grondwater(peil) koppelen aan ruimtelijke afwegingen. De overheden moeten hiervoor gezamenlijk in beeld brengen welke beperkingen er in de beschikbaarheid van water zijn, wat de risico's op watertekort zijn en hoe ruimtelijk gebruik en ruimtelijke ambities invloed hebben op de watervraag.

Waterbeschikbaarheid

Om de voortgang van de uitwerking van Waterbeschikbaarheid te kunnen volgen en te kunnen bijsturen, heeft het Bestuurlijk Platform Zoetwater (BPZ) halfjaarlijkse ijkmomenten ingesteld. Het vierde ijkmoment (mei 2018) laat zien dat alle zoetwaterregio's en Rijkswaterstaat met een (regionale) knelpuntenanalyse in beeld hebben gebracht welke knelpunten in de beschikbaarheid van zoetwater optreden (vergelijkbaar met de stresstest voor Ruimtelijke adaptatie). In heel Nederland zijn meer dan 150 gebiedsprocessen en analyses in uitvoering of afgerond. Het areaal waar gebiedsuitwerkingen (dialoog met gebruikers) zijn gestart, omvat circa 15% van Nederland en het hele hoofdwatersysteem. Het waterbewustzijn wordt daardoor groter. De integraliteit van de uitwerkingen neemt toe: waar mogelijk leggen de partijen de verbinding met andere wateropgaven of gebiedsprocessen. Er zijn verschillen in de wijze van uitwerken door verschillen in schaalniveau, urgentie, bestuurlijke afwegingen, watersystemen en behoeftes van gebruikers en door de aansluiting bij andere gebiedsprocessen. Daarmee is ook een transitie in gang gezet naar een ander waterbeheer, waarin de beschikbaarheid van zoetwater niet langer als vanzelfsprekend wordt gezien, maar als een gezamenlijke verantwoordelijkheid van overheden en gebruikers. Zo'n transitie kost tijd.

Zoals in Deltaprogramma 2015 is aangekondigd, heeft in 2018 een tussentijdse evaluatie plaatsgevonden van het proces, de spelregels, de beschikbare instrumenten om de afspraken te borgen en het ambitieniveau van Waterbeschikbaarheid. Hieruit en uit het vierde ijkmoment blijkt dat alle zoetwaterregio's aan de slag zijn gegaan met het uitwerken van de waterbeschikbaarheid. Paragraaf 4.2 gaat in op de voortgang van Waterbeschikbaarheid per zoetwaterregio (Maatregelen fase 2).

Een van de doelen van de deltabeslissing Zoetwater is dat in 2021 voor alle gebieden en het hoofdwatersysteem afspraken over de waterbeschikbaarheid zijn gemaakt. In het BPZ van 17 mei is uitgesproken dat dit doel een intensivering van de inzet van betrokken overheden vraagt, maar nog steeds haalbaar is. De focus ligt daarbij op de urgente gebieden, zodat de bevindingen daarover mee kunnen wegen bij de besluitvorming over maatregelen in de tweede fase van het Deltaplan Zoetwater. De zoetwaterregio's onderbouwen waarom ze bepaalde gebieden als urgent beschouwen op basis van de knelpuntenanalyse en de dialoog daarover met de gebruikers, ook met het oog op klimaatverandering (stap 1, transparantie). Deltaprogramma 2020 zal een overzicht geven van de urgente gebieden waarvoor Waterbeschikbaarheid in ieder geval in beeld wordt gebracht. Deltaprogramma 2020 maakt daarbij ook inzichtelijk in welke gebieden is geconstateerd dat vooralsnog geen afspraken nodig zijn, omdat er voldoende zoetwater is. In 2021 hebben de partijen in de urgente gebieden de dialoog gevoerd over mogelijke maatregelen (stap 2, optimalisatie) en waar mogelijk en nodig hebben ze afspraken over acties en maatregelen gemaakt (stap 3). Onderbouwde maatregelen die volgen uit het proces Waterbeschikbaarheid/de gebiedsprocessen, kunnen de partijen inbrengen voor de bestuurlijke besluitvorming over de tweede fase van het Deltaplan Zoetwater. In de minder urgente gebieden lopen de gebiedsprocessen ook na 2021 door, dus na de besluitvorming over de tweede fase van het Deltaplan Zoetwater.

De tussentijdse evaluatie heeft vier aandachts- en leerpunten naar voren gebracht. Deze gaan over de doorwerking van Waterbeschikbaarheid in het omgevingsbeleid, aansluiting bij Ruimtelijke adaptatie, de concrete planning van maatregelen voor urgente gebieden en de wijze waarop optimalisaties en doelmatigheid van het huidige waterbeheer worden besproken en vastgelegd. Deze aandachtspunten krijgen een regionale en landelijke uitwerking en worden regelmatig in het BPZ besproken.

Monitoring van het doelbereik

De deltacommissaris houdt in de gaten of de doelen bereikt worden door een aantal indicatoren te laten monitoren. Tot 2021 richt het Deltaprogramma de indicatoren voor zoetwater op het proces Waterbeschikbaarheid. De indicatoren worden uitgedrukt in de volgende proceselementen: transparantie geven, optimalisatie bespreken en afspraken maken. De stand van zaken van de proceselementen komt per zoetwaterregio op de kaart van Nederland te staan, in aanvulling op de ijkmomenten van het proces Waterbeschikbaarheid. Richting 2021 adviseert de deltacommissaris op voorstel van het BPZ voor welke zoetwateraspecten meer kwantitatieve indicatoren kunnen worden afgesproken om in beeld te brengen of de implementatie van de deltabeslissing Zoetwater op koers ligt. Deze kunnen wellicht onderdeel worden van een herijkte 'deltabeslissing' voor zoetwater (bij de eerste zesjaarlijkse herijking). De basis voor kwantitatieve indicatoren vormen onder meer de knelpuntenanalyses en de modelberekeningen. (Zie Achtergronddocument A voor de stand van zaken. Deltaprogramma 2020 geeft de eerste resultaten).

Kennis en innovatie

Het Kennisspoor Zoetwater is gericht op nieuwe kennis over het watersysteem, beter modelinstrumentarium, inzicht in de effectiviteit van maatregelen (hydrologisch en economisch) en kennis om de zoetwaterstrategie te herijken. De onderzoeken liggen op schema.

In 2017 is geïnvesteerd in de Knelpuntenanalyse* en de Zoetwaterstrategie 2.0 en het op orde brengen van het instrumentarium om maatschappelijk-economisch effecten van watertekorten te berekenen. Voor de aspecten landbouw en natuur is afstemming gezocht met de Waterwijzers Landbouw en Natuur. De knelpuntenanalyse vormt de onderbouwing van maatregelen in fase 2 van het Deltaplan Zoetwater (zie paragraaf 4.2).

In 2017 is een instrumentarium ontwikkeld om te bepalen hoe de effecten van lokale maatregelen uitpakken bij opschaling naar regionale schaal. Het instrumentarium geeft inzicht in de bijdrage van lokale landbouwmaatregelen aan de regionale wateropgave en de kosten en baten van die maatregelen. De zoetwateropgave staat daarbij centraal, maar ook neveneffecten komen in beeld, zoals effecten op de belasting van het oppervlaktewater door afspoelen van meststoffen.

4.2Deltaplan Zoetwater: maatregelen voor de beschikbaarheid van zoetwater in Nederland

Het Deltaplan Zoetwater* omvat alle geprogrammeerde en geagendeerde maatregelen, onderzoeken en kennisvragen die betrekking hebben op een duurzame zoetwatervoorziening en die geheel of gedeeltelijk bekostigd worden uit het Deltafonds.

Maatregelen Fase 1

Regio's, het Rijk en de gebruikers zijn volop bezig met de uitvoering van de maatregelen uit het Deltaplan Zoetwater. De totale geplande uitgaven van alle partijen voor de zoetwatermaatregelen uit het Deltaplan bedragen in de periode tot 2021 ruim € 400 miljoen, waarvan € 159 miljoen* uit het Deltafonds gefinancierd wordt. Uit de voortgangsrapportages van de projecten blijkt dat een groter deel van de uitgaven dan eerder gepland in de tweede helft van de uitvoeringsperiode (2019-2021) gedaan wordt. Meestal komt dit doordat de fase van planuitwerking langer duurt dan verwacht, omdat meer onderzoek nodig is of afstemming meer tijd vraagt. Dit brengt risico's met zich mee voor de besteding van het beschikbare budget voor de eerste fase. Een tussenevaluatie in 2018 heeft in beeld gebracht hoe de uitputting van de middelen verloopt en wat de financiële mee- en tegenvallers zijn. Het BPZ heeft afgesproken de vinger aan de pols te houden en in november 2018 te bezien of er budgettekort is of dat er budget is om aanvullende zoetwaterprojecten in uitvoering te nemen.

Tabel 15 geeft een overzicht van de geprogrammeerde en geagendeerde onderzoeken en maatregelen die invulling geven aan de deltabeslissing en de voorkeursstrategieën voor zoetwater. Deze onderzoeken en maatregelen volgen uit het Investeringsprogramma Zoetwater 2015-2021, zoals opgenomen in Deltaprogramma 2015. Het investeringsprogramma is samengesteld op basis van een landelijke investeringsagenda, regionale uitvoeringsprogramma's van de zoetwaterregio's en een aantal uitvoeringsprogramma's van de gebruiksfuncties. De voortgang van de projecten in Hoge Zandgronden Zuid en Oost is ook te zien op de website van deze regio's.

In de Bestuursovereenkomsten Zoetwater* hebben Rijk en regio financiële afspraken over het Investeringsprogramma Zoetwater vastgelegd. Tabel 16 bevat een overzicht per maatregel van de financiering uit het Deltafonds en financiering door de regio.

Slim Watermanagement

De maatregel Slim Watermanagement (SWM) uit het Deltaplan richt zich op efficiënt operationeel waterbeheer met gebruik van ICT, over de beheergrenzen heen. Generiek en per regio zijn jaarplannen opgesteld met activiteiten, zoals het ontwikkelen van gezamenlijke informatieschermen en redeneerlijnen. Ook is een serious game met regionale varianten ontwikkeld. Door deze game te spelen, leren de betrokken waterbeheerders elkaar beter kennen en krijgen zij inzicht in elkaars systemen en de effecten van handelen op een groter schaalniveau. Verschillende organisaties hebben dit spel in 2017 op bijeenkomsten van Slim Watermanagement gespeeld, zoals de jaardagen van de regio's Rijnmaasmonding en Amsterdam-Rijnkanaal-Noordzeekanaal en de gezamenlijke jaardag van de regio's Hoge Zandgronden Oost en IJsselmeergebied. In 2017 is ook verder gewerkt aan de ontwikkeling van gedeelde informatieschermen voor waterbeheerders.

Maatregelen Fase 2

Het BPZ heeft op 14 september 2017 de Routekaart vastgesteld om te komen tot maatregelen voor fase 2 van het Deltaplan Zoetwater, met mijlpalen voor de besluitvorming (zie Figuur 5). De basis voor de maatregelen is de actualisatie van de Knelpuntenanalyse. Deze analyse is landsdekkend en zoomt in op zeven ‘hotspots' waar bovenregionale beleidskeuzes spelen. Bestuurders kunnen met deze informatie onderbouwde keuzes maken voor de volgende fase. Voor een goede afweging brengen de regio's ook zelf hun (regionale) ambities, knelpunten en mogelijke maatregelen in beeld, onder andere via het spoor van Waterbeschikbaarheid. In 2018 leidt dit proces tot een voorstel voor de mogelijke maatregelen in fase 2. Voor de uitvoering van deze maatregelen is voor de volgende periode 2022 tot en met 2027 € 150 miljoen gereserveerd binnen het Deltafonds.

Het proces Waterbeschikbaarheid bestaat uit drie stappen: stap 1: transparantie, stap 2: optimalisatie, en stap 3: afspraken*. Alle stappen worden in dialoog met gebruikers doorlopen. De voortgang varieert per zoetwaterregio. Hierna volgt een beschrijving.

In de zoetwaterregio West-Nederland zijn circa twintig gebiedsprocessen gestart die de vraag en het aanbod van zoetwater in beeld brengen (stap 1). De provincie of het waterschap is initiatiefnemer en in alle gebiedsprocessen zijn gebruikers – met name agrariërs en drinkwaterbedrijven – en gemeenten erbij betrokken. In zeven gebiedsprocessen worden gesprekken over optimalisatie gevoerd (stap 2), zoals in de Noordelijke Vechtplassen en Westland. In het gebiedsproces Boskoop en Haarlemmermeer hebben de partijen onder andere afspraken gemaakt over inspanningen om waterbesparende maatregelen te promoten (stap 3).

In de zoetwaterregio IJsselmeergebied trekken de waterschappen een aantal pilots en ondersteunende onderzoeken voor Waterbeschikbaarheid. Daarbij betrekken ze ook andere relevante partijen. Er lopen circa tien (gebieds)processen en pilots voor Waterbeschikbaarheid. Vier daarvan hebben stap 1 doorlopen (transparantie), in vier andere zijn gesprekken met gebruikers gevoerd over optimalisatie (stap 2), en twee gebiedsprocessen doorlopen in 2018 alle stappen van Waterbeschikbaarheid. Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier heeft bijvoorbeeld in beeld gebracht welke gebieden nog water krijgen in een droge periode en welke niet, gebruikmakend van de prioritering uit de Verdringingsreeks (stap 1). Waterschap Hunze en Aa's is in het kustgebied voorlopig gestopt met doorspoelen en meet het effect daarvan op het zoutgehalte (stap 3).

 

De kern van de aanpak van Waterbeschikbaarheid op de Hoge Zandgronden is gebiedsgericht werken en Waterbeschikbaarheid aanpakken in samenhang met andere belangen en ruimtelijke vraagstukken, met een handelingsperspectief voor alle partijen. In deze zoetwaterregio lopen meer dan 100 gebiedsprocessen; een deel daarvan is al afgerond. In 2021 presenteert de zoetwaterregio Hoge Zandgronden een gebiedsdekkend beeld van de waterbeschikbaarheid. Voor stap 1 (transparantie) brengen de partijen helder in beeld hoeveel water beschikbaar is en hoe groot de watervraag is. Een knelpuntenkaart zal de belangrijkste knelpunten tonen. In 2018 worden stappen gemaakt met de modelmatige analyse van de knelpunten. Stap 2 (optimalisatie) laat zien waar maatregelen zijn genomen of in de komende periode zijn voorzien om de waterbeschikbaarheid te verbeteren. De precieze invulling van de lokale maatregelen volgt uit de gebiedsprocessen.

In de zoetwaterregio Zuidwestelijke Delta heeft de provincie Zeeland onder andere in streekbijeenkomsten de huidige zoetwatersituatie met gebruikers besproken (stap 1) en worden de mogelijkheden voor optimalisatiekansen verkend (stap 2). Waterschap Brabantse Delta heeft voor zijn beheergebied de Kaders Waterbeschikbaarheid vastgesteld. Deze bieden voor het grootste deel van het gebied een helder handelingsperspectief voor zoetwatergebruikers. Voor een aantal gebieden zijn aanvullende afspraken gewenst. Op Goeree-Overflakkee heeft het gebiedsatelier Water & Ruimte in 2013 invulling gegeven aan Waterbeschikbaarheid. Daarna zijn er geen gebiedsuitwerkingen meer gemaakt.

In de zoetwaterregio Rivierengebied zijn in drie projecten vraag en aanbod van zoetwater in beeld gebracht (stap 1). De waterbehoefte van Rivierengebied is bepaald met een model van Deltares. In de Overbetuwe loopt een pilot met Waterbeschikbaarheid. Bij deze projecten en pilot zijn ook gebruikers betrokken. Waterschap Rivierenland heeft samen met de ZLTO en andere gebruikers samengewerkt aan een stimuleringsregeling. In het algemeen zijn gebruikers zich bewust van de opgaven voor Waterbeschikbaarheid.

Voor het hoofdwatersysteem is stap 1 doorlopen (transparantie). Het Rijk voert vanaf het begin van het proces Waterbeschikbaarheid Hoofdwatersysteem een intensieve dialoog met zoetwaterregio's en gebruikers die water inlaten uit het hoofdwatersysteem. De dialoog krijgt vorm via regionale bijeenkomsten en pilots. Voor zes pilots wordt stap 2 doorlopen, dit is een continu proces. Sinds januari 2018 is informatie over de beschikbaarheid van zoetwater op 150 locaties in het hoofdwatersysteem te vinden op www.wabes.nl. De gegevens betreffen onder meer debiet, waterstand, chloride en temperatuur en zijn gebaseerd op kansberekeningen.

Stroomdiagram dat de route naar producten en mijlpalen voor Deltaplan Zoetwater naar fase 2 weergeeft
Figuur 5 Routekaart Zoetwater
Tabel 15: Programmering maatregelen Deltaplan Zoetwater
Deltaplan Zoetwater 2019-2022 2019 2020 2021 >
IJsselmeergebied
171 Flexibilisering IJsselmeerpeil met:
171a FHWS: nieuw peilbesluit IJsselmeergebied (2017)
171b HWS: operationaliseren Flexibel peilbeheer
171c HWS: maatregelen Friese IJsselmeerkust
171d HWS: robuuste natuurlijke oevers IJsselmeergebied 1e fase
171e Implementatie peilbesluit
172 Projectprogramma Hogere Gronden Regio Noord met:
172a Natuurlijke inrichting Dwarsdiepgebied
172b Klimaatbestendig stroomgebied Drentse Aa
172c Optimalisatie inlaten landbouwgrond hogere (zand)gronden Noord-Nederland
172d Gebiedsontwikkeling de Dulf-Mersken e.o.
173 Proeftuin IJsselmeergebied met:
173a Spaarwater
173b Gouden gronden
173c Proeftuin Hunze en Aa's
173d Proeftuin Wetterskip Fryslân
Hoge Zandgronden
174 Uitvoeringsprogramma Deltaplan Hoge Zandgronden, Regio Zuid
175 Uitvoeringsprogramma Zoetwatervoorziening Hoge Zandgronden, Regio Oost
176 UInnovatieve klimaatpilot Zuid: subirrigatie
177 Innovatieve klimaatpilot Oost 1: subinfiltratie effluent
178 Innovatieve klimaatpilot Oost 2: slimme stuw
179 Innovatieve klimaatpilot Oost 3: waterverdeling Zutphen
West Nederland
180 HWS: Irenesluis (KWA+ in HWS)
181 Capaciteitstoename KWA stap 1
182 Optimalisatie watervoorziening Brielse Meer, stap 1
183 Innovatieve klimaatpilot Zoetwaterfabriek De Groote Lucht
Zuidwestelijke Delta
184 Roode Vaart doorvoer West-Brabant en Zeeland
185 Klimaatpilot Proeftuin Zoetwater Zeeland met:
185a E1 - Kartering en Monitoring (FRESHEM)
185b E2 - Waterconservering in de bodem (GO-FRESH)
185c E4 - Opwerking
185d E6 - Veredeling gewassen op hogere zouttolerantie
185e E7 - DeltaDrip
185f E8 - Meer fruit met minder water
185g E11 - Waterhouderij Walcheren
185h E10 - Gebiedsfreshmaker
Rivierengebied
186 HWS: onderzoek langsdammen
187 Start maatregelen Rivierengebied-Zuid
188 Innovatieve klimaatpilot Duurzaam gebruik ondiep grondwater
Hoofdwatersysteem
189 Waterbeschikbaarheid in het Hoofdwatersysteem (HWS)
190 Slim Watermanagement (SWM)
191 Noordervaart

Legenda: Onderzoek Verkenning Planuitwerking Realisatie Gereed Klimaatpilots Beleidsontwikkeling

Tabel 16: Overzicht pilots waterbeschikbaarheid
Nr. op kaart Pilots
IJsselmeergebied
501 Texel Water (Eijerlandspolder)
502 Noordelijke Zandgebied
503 Oostpolder
504 Schoonwatervallei Groot Limmerpolder
505 Optimalisatie inlaten Zeven Blokken
506 Peilbesluit 1e schil Electraboezem
507 Oldambt
508 Hoogwatercircuits in veenweidegebieden Friesland
510 Zandgronden Friesland
Hoge Zandgronden Oost
520 Oude Diep
521 De Berkel
522 Stadsgracht Wageningen
523 SHammerflier
525 Graafschap
Hoge Zandgronden Zuid
530 Gebiedsuitwerking Noord-Brabant
531 Weerterland
532 Parkstad
West-Nederland
540 Boskoop
541 Plaspoel-, Schaapswei- en Hoekpolder, Oud- en Nieuw-Wateringsveldschepolder en Noordpolder
542 Westeramstel
 
Nr. op kaart Pilots
West-Nederland
543 Eiland van Schalkwijk
544 Noordelijke Vechtplassen
545 Inlaagpolder
546 Haarlemmermeerpolder
547 Glastuinbouw Westland
548 Groot Wilnis - Vinkeveen
549 Holland Sticht Voorburg Oost
550 Noordelijke Vechtstreek
551 IJburg (Zeeburgereiland)
552 Heintjesrak- en Broekerpolder
553 Gooise Zomerkade
554 Naardermeer en omgeving
Zuidwestelijke Delta
560 Zeeuws-Vlaanderen
561 Zuid-Beveland (minus Reigersbergsche polder)
562 Walcheren, Noord-Beveland en Schouwen-Duiveland
563 holen en Sint Philipsland en Reigersbergsche polder
564 Rietkreek, West-Brabant
565 Goeree Overflakkee
Rivierengebied
580 Kop van de Betuwe
Hoofdwatersysteem
590 Hollandsch Diep
591 Maas
592 Rivierenland
Tabel 17 Investeringsprogramma Zoetwater 2019-2021 (in € miljoen)
Deltaplan Zoetwater 2019-2022 Deltafonds
2019-2021
Regio*
2019-2021
Totaal
2019-2021
Totaal bijdrage Deltafonds
2015-2021
IJsselmeergebied
171 Flexibilisering IJsselmeerpeil met:
171a HWS: nieuw peilbesluit IJsselmeergebied (2017) 0,0 0,0 0,0 1,3
171b HWS: operationaliseren Flexibel peilbeheer 0,3 0,0 0,3 0,9
171c HWS: maatregelen Friese IJsselmeerkust 11,9 0,0 11,9 12,0
171d HWS: robuuste natuurlijke oevers IJsselmeergebied 1e fase 0,4 0,0 0,4 2,5
171e Implementatie peilbesluit 2,4 0,0 2,4 3,4
172 Projectprogramma Hogere Gronden Regio Noord met:
172a Natuurlijke inrichting Dwarsdiepgebied 0,4 0,0 0,4 0,6
172b Klimaatbestendig stroomgebied Drentse Aa 0,2 2,7 2,9 0,2
172c Optimalisatie inlaten landbouwgrond hogere (zand)gronden Noord-Nederland 0,0 0,0 0,0 0,0
172d Gebiedsontwikkeling de Dulf-Mersken e.o. 0,1 0,2 0,2 0,2
173 Proeftuin IJsselmeergebied met:
173a Spaarwater 0,0 0,0 0,0 0,7
173b Gouden gronden 0,0 0,9 1,0 0,1
173c Proeftuin Hunze en Aa's 0,2 0,2 0,3 0,2
173d Proeftuin Wetterskip Fryslân 0,1 0,1 0,2 0,2
Hoge Zandgronden
174 Uitvoeringsprogramma Deltaplan Hoge Zandgronden, Regio Zuid 19,7 63,8 83,5 32,9
175 Uitvoeringsprogramma Zoetwatervoorziening Hoge Zandgronden, Regio Oost 16,2 54,0 70,2 27,1
176 Klimaatpilot Zuid: subirrigatie 0,0 0,1 0,1 0,1
177 Klimaatpilot Oost 1: subinfiltratie effluent 0,0 0,0 0,0 0,0
178 Klimaatpilot Oost 2: slimme stuw 0,0 0,0 0,0 0,0
179 Klimaatpilot Oost 3: waterverdeling 0,0 0,0 0,0 0,0
West-Nederland
180 HWS: Irenesluis (KWA+ in HWS) 0,5 0,0 0,5 0,8
181 Capaciteitstoename KWA stap 1 35,8 0,0 35,8 40,0
182 Optimalisatie watervoorziening Brielse Meer, stap 1 1,4 0,5 1,8 1,5
183 Klimaatpilot Zoetwaterfabriek De Groote Lucht 0,0 0,0 0,0 0,5
  Overige maatregelen regionaal watersysteem 0,0 11,0 11,0 0,0
Zuidwestelijke Delta
184 Roode Vaart doorvoer West-Brabant en Zeeland 12,2 12,2 24,4 12,5
185 Klimaatpilot Proeftuin Zoetwater Zeeland met:
185a E1 - Kartering en Monitoring (FRESHEM) 0,0 0,0 0,0 0,7
185b E2 - Waterconservering in de bodem (GO-FRESH) 0,0 0,0 0,0 0,2
185c E4 – Milde ontzilting 0,0 0,0 0,0 0,0
185d E5 - DeltaDrip 0,1 0,3 0,4 0,1
185e E6 - Veredeling gewassen op hogere zouttolerantie 0,0 0,0 0,0 0,1
185f E7 - Meer fruit met minder water 0,1 0,1 0,2 0,1
185g E10 - Gebiedsfreshmaker 0,0 0,0 0,0 0,1
185h E10 – Waterhouderij Walcheren 0,0 0,4 0,5 0,1
185i Overig 0,1 - 0,1 0,1
Rivierengebied
186 HWS: onderzoek langsdammen 0,0 0,0 0,0 0,1
187 Start maatregelen Rivierengebied-Zuid 0,3 0,7 0,9 0,5
188 Klimaatpilot Duurzaam gebruik ondiep grondwater 0,1 0,2 0,3 0,1
Hoofdwatersysteem (zie ook onder de regio's)
189 Waterbeschikbaarheid in het Hoofdwatersysteem (HWS) 0,3 0,0 0,3 1,2
190 Slim Watermanagement (SWM) 2,7 0,0 2,7 4,9
191 Noordervaart 9,0 0,0 9,0 9,0
Totaal 155,2

* Het totaal van alle bijdragen uit een andere bron dan het Deltafonds. Afspraken over onder andere financiering zijn vastgelegd in Bestuursovereenkomsten Zoetwater.

Maatregelen Zoetwater
Kaart 3 Maatregelen Zoetwater